“Na een depressie heb ik nu weer zin in het leven.”
Gijs Vos raakte in juni 2004 betrokken bij een ernstig auto-ongeluk. Hij was 35 jaar. De botbreuken herstelden maar Gijs hield 24/7 last van hoofdpijn, vermoeidheid en prikkelgevoeligheid. Pas in december 2020 werd na een NPO (neuro psychologisch onderzoek) officieel vastgesteld dat Gijs NAH heeft. De optelsom van alle gebeurtenissen leidde tot een depressie. Door het behandelprogramma Hersenz leerde Gijs stap voor stap beter om te gaan met zijn NAH en kreeg hij weer een positievere kijk op het leven.
“In de periode na het auto-ongeluk ben ik diverse keren bij de huisarts geweest met mijn klachten. Maar iedere keer werd ik naar huis gestuurd met ‘ja Gijs, je hebt zo’n enorme klap gemaakt, dat kan dus allemaal’. Ik ging dus maar door… De vermoeidheid en hoofdpijn namen toe en door moeizame communicatie kreeg ik ook steeds meer ruzie met mijn vrouw. Zowel in mijn privé- als werkomgeving ontstonden steeds meer problemen. Na een belangrijk telefoontje met onze grootste opdrachtgever ging het mis. Ik belde mijn vrouw huilend op omdat ik niet meer in staat bleek om een verslag van het telefoongesprek te maken. Ik was de rode draad volledig kwijt en raakte helemaal in paniek. Op aandringen van mijn vrouw meldde ik me ziek, het kon gewoon zo niet langer doorgaan. Bij de huisarts drongen we aan op een goed onderzoek. Er kwam een verwijzing naar de neuroloog en daar bleek dus uit een NPO dat ik waarschijnlijk al vanaf het auto-ongeluk rondloop met NAH. Ruim 16 jaar heb ik hiermee geleefd en gewerkt zonder het te weten.”
Dieptepunt
“Ik heb erg veel moeite gehad om mijn NAH en de gevolgen ervan te accepteren. Ik ben constant vermoeid en kan moeilijk tegen bepaalde prikkels. Het heeft niet alleen mijn leven maar ook dat van mijn vrouw sterk beïnvloed. In december 2023 bereikte ik een zodanig dieptepunt dat ik het leven niet meer zag zitten. Ik heb met 113 gebeld, ik wilde een eind aan mijn leven maken. Gelukkig mocht ik gezien de ernst van de situatie sneller in behandeling bij een psycholoog van Hersenz. Door haar heb ik weer een heel andere kijk op de wereld gekregen en ik ben me nu veel bewuster dat mijn/ons leven totaal anders is. EMDR en heel veel praten hebben ervoor gezorgd dat ik na een aantal maanden zowaar weer zin kreeg in het leven. Tot aan de dag van vandaag is dat nog steeds het geval.”
Zelfwaardering
“Door Hersenz heb ik geleerd om beter met mijn NAH om te gaan. Om mijn beperkte energie zo goed mogelijk te kunnen inzetten ga ik nu elke middag op bed rusten. Ik besef nu beter waar mijn grenzen liggen en geef ze eerder aan. Ook kan ik nu beter omgaan met onverwachte situaties. De dingen die ik graag wil doen plan ik op voor mij passende tijden (bijvoorbeeld een verjaardagsbezoek). Ook heb ik heel veel aan de methode stop-denk-doe. En het is heel helpend dat ik me niet meer steeds afvraag wat iemand anders van mij zal denken. Mijn zelfvertrouwen en zelfwaardering zijn toegenomen. Ik ben wie ik ben en men vindt mij leuk, lief of aardig en anders maar niet.”
Voldoening en trots
“Tijdens het Hersenz-traject ontmoette ik Sven. Samen besloten we iets te betekenen voor anderen in dezelfde situatie. Zo ontstond Stichting erNAH. Wat begon als een gezamenlijke zoektocht naar herstel en begrip, groeide al snel uit tot iets groters: een veilige plek waar herkenning, steun en verbinding centraal staan. Het geeft me heel veel voldoening om hiermee bezig te zijn en ik ben trots op wat we bereiken.”
Praten helpt
“Aan lotgenoten die ook te maken hebben met depressiviteit, wil ik zeggen: praat erover! Hoe moeilijk misschien ook, praat erover met je partner, ouders, familie en/of vrienden. Praten lucht op en het is de eerste belangrijke stap naar verbetering!”
Over de auteur, Jeannette Heijting (64) Jeannette kreeg in 2009 twee herseninfarcten en heeft als gevolg daarvan niet-aangeboren hersenletsel. Ze volgde twee modules van Hersenz en kreeg stap voor stap weer regie over haar leven. Als ervaringsdeskundige en auteur zet ze zich in om de (onzichtbare) gevolgen van hersenletsel beter bekend te maken, zodat er meer begrip ontstaat. Dit doet ze door haar eigen verhaal en de verhalen van lotgenoten en naasten naar buiten te brengen.