Afasie verandert niet alleen taal, maar ook het leven samen.
Wat betekent het als je na hersenletsel niet meer goed kunt praten of begrijpen wat een ander zegt? Afasie heeft grote gevolgen voor het dagelijks leven. Niet alleen voor degene met afasie, maar ook voor de partner en andere naasten. NH Nieuws sprak met afasietherapeut Michelle van Steijn en met Gerrie, van wie de man Rob afasie heeft.
Afasie is een taalstoornis die ontstaat door schade aan de hersenen. Bijvoorbeeld na een beroerte, hersenbloeding of hersentumor. Iemand met afasie kan moeite hebben met praten, lezen of schrijven. Ook kan het moeilijker zijn om gesproken of geschreven taal te begrijpen.
Hoe afasie eruitziet, verschilt sterk van persoon tot persoon. Sommige mensen herstellen goed. Bij anderen blijven de problemen met taal bestaan.
Niet meer met elkaar kunnen praten
In het artikel van NH Nieuws vertelt Gerrie over haar man Rob. Hij kreeg zeven jaar geleden een herseninfarct. Na zes weken revalidatie kwam hij weer thuis, maar hun leven was voorgoed veranderd.
Rob kan soms spontaan een paar woorden zeggen, maar hele zinnen maken lukt niet. Voor Gerrie betekent dit dat de gesprekken die zij vroeger samen hadden niet meer mogelijk zijn. Ze vertelt ook dat ze niet altijd weet wat er in hem omgaat. Tegelijk heeft ze de indruk dat Rob zelf gelukkig is.
Ook de zorg voor Rob vraagt veel van haar. Hij heeft bij verschillende dagelijkse dingen hulp nodig. Toch ontdekte Gerrie in de loop van de tijd dat Rob meer zelf kan dan ze aanvankelijk dacht. Zo reist hij inmiddels twee keer per week zelfstandig met de tram naar zijn dagbesteding. Bekende handelingen en vaste routines helpen hem om dingen zelf te blijven doen.
Blijven meedoen
Volgens afasietherapeut Michelle van Steijn is goede ondersteuning belangrijk. Na een periode van revalidatie moeten mensen met afasie hun leven opnieuw vormgeven. Juist in die fase is passende zorg niet overal vanzelfsprekend.
Ook contact met andere mensen met afasie kan helpen. Door problemen met taal bestaat het risico dat mensen minder sociale contacten krijgen en geïsoleerd raken. Afasiecentra kunnen daarom een belangrijke plek zijn voor behandeling én ontmoeting.
In de communicatie helpt het om rustig te praten en duidelijke vragen te stellen. Geef iemand voldoende tijd om te reageren en controleer of je elkaar goed hebt begrepen.
Wil je het hele verhaal van Gerrie en Rob lezen en meer weten over afasie? Lees dan het oorspronkelijke artikel bij NH Nieuws.